Geloofssensitief werken
meer weten?
Ben je coach en wil je leren hoe je deze wetenschap toepast in de bak? Bekijk het Train-the-Trainer programma.
Ben je geïnteresseerd in paardencoaching voor jezelf? Plan een kennismakingsgesprek in via mijn digitale agenda.
als geloof deel is van je verhaal
Voor sommige mensen is geloof een bron van kracht. Voor anderen een bron van verwarring, schaamte of pijn. Beide mogen er zijn.
In mijn praktijk werk ik met mensen voor wie geloof, of het verlies daarvan, een rol speelt in hun herstel. Dat kan expliciet zijn: bidden, bijbelteksten, vragen over God en lijden.
Of impliciet: een verlangen naar iets groters, een zoeken naar zin.
wat is geloofssensitief werken?
Geloofssensitief werken betekent dat ik ruimte maak voor geloof als dat voor jou belangrijk is. Ik dring niets op: geen gebeden, geen bijbelteksten, tenzij jij dat wilt. Wat ik wel doe, is serieus nemen wat geloof doet met je zenuwstelsel, je identiteit en je relaties. Ik scheid niet tussen “geestelijk” en “lichamelijk”. Het is één systeem.
Dit is geen pastoraat. Ik ben coach, geen predikant. Maar ik begrijp de taal. En ik weet hoe geloof en trauma met elkaar verweven kunnen zijn.
voor wie is dit?
Ik werk vaak met hoogmaskerende individuen met een geloofsachtergrond die worstelen met burn-out, trauma of neurodivergentie. Individuen die zich niet gezien voelen in de reguliere GGZ (“mijn psycholoog begrijpt mijn geloof niet”) en ook niet in hun geloofsgemeenschap (“ze begrijpen mijn trauma niet”).
Daarnaast werk ik met mensen die twijfelen aan hun geloof en daar veilig over willen praten. En met iedereen voor wie zingeving onderdeel is van herstel, ongeacht achtergrond.
hoe ziet dat er uit in de praktijk?
Een sessie met paarden is altijd lichaamsgericht. Geloof komt erbij als het relevant is.
Een paard dat je uitnodigt om stil te staan, en jij herkent daarin iets van overgave. Een moment van verbinding met het paard dat voelt als gebed. Een grens die je leert stellen, ook richting je geloofsgemeenschap. Een klachtpsalm die precies verwoordt wat je voelt.
Het paard maakt geen onderscheid. Het reageert op je zenuwstelsel, niet op je theologie.
wetenschappelijke onderbouwing
Neurodivergente mensen verwerken de wereld anders — intenser, gelaagder, met een sterkere gevoeligheid voor wat onder de oppervlakte beweegt. Die eigenschappen die het dagelijks functioneren soms zwaarder maken, kunnen in een spirituele context juist een toegangspoort zijn. Narzisi en Muccio (2021) beschrijven sensorische hypergevoeligheid en verminderde top-down cognitieve filtering als een fenomenologisch a priori dat mensen predisponeert voor spirituele ervaringen — niet in religieuze maar in experiëntiële zin: bewust aanwezig zijn in het moment, zonder de gebruikelijke cognitieve buffers die dat contact dempen. Dit sluit aan bij bevindingen uit de neurotheologie (Newberg) dat spirituele ervaringen corresponderen met specifieke neurologische profielen die bij neurodivergente mensen vaker voorkomen.
Arora (2025) beschrijft in het Journal of Spirituality in Mental Health hoe neurodivergente populaties unieke spirituele expressies ontwikkelen die niet altijd passen binnen conventionele religieuze kaders en daardoor zowel onherkend als ondersteund blijven. Dat heeft directe klinische implicaties: geloofservaringen bij neurodivergente mensen kunnen intenser zijn, maar ook kwetsbaarder — positief én negatief. Religieuze gemeenschappen zijn vaak gebouwd op impliciete sociale verwachtingen: de juiste lichaamstaal, de juiste emotionele maat, de juiste manier van participeren. Voor wie hoog maskeert of sensorisch gevoelig is, kan een kerkdienst, gebedsgroep of retraite daardoor eerder de overlevingsmodus activeren dan de spirituele verbinding.
Dit risico is niet hypothetisch. Onderzoek naar religieus trauma bij laat-gediagnosticeerde autistische mensen laat zien hoe maskeergedrag in religieuze contexten internaliserende stress verhoogt en hoe straf voor gedrag dat simpelweg neurodivergent is – stimmen, sociale vermijding, anders verwerken – diepe geloofswonden kan nalaten. Tegelijk toont onderzoek van Biggs en Carter (2016) aan dat geloofssterkte bij autistische jongeren significant samenhangt met hogere kwaliteit van leven op psychologische en sociale domeinen, mits de geloofsgemeenschap ruimte biedt voor hun specifieke manier van participeren.
Geloofssensitief werken betekent die lagen erkennen. Niet de spiritualiteit aanpassen, maar de ruimte eromheen. Minder impliciete eisen aan participatie. Meer ruimte voor stilte, voor eigen ritme, voor geloofsbeleving die niet per se woorden heeft of sociaal zichtbaar is. Sensory processing sensitivity (SPS) blijkt in recent onderzoek een mediërende variabele te zijn in de relatie tussen religiositeit en mentale gezondheid: mensen met hoge SPS ervaren religie intenser, met grotere potentie voor zowel heling als schade. Dat maakt zorgvuldig, geïnformeerd begeleiden geen luxe maar noodzaak.
Bibliografie
Arora, A. (2025). Spirituality, neurodiversity, and mental health: Understanding unique spiritual expressions among neurodivergent populations. Journal of Spirituality in Mental Health. Advance online publication. https://doi.org/10.1080/19349637.2025.2548539
Biggs, E. E., & Carter, E. W. (2016). Quality of life for inclusive youth with intellectual disability in faith communities. Intellectual and Developmental Disabilities, 54(1), 13–26.
Narzisi, A., & Muccio, R. (2021). A neuro-phenomenological perspective on the autism phenotype. Frontiers in Psychiatry, 12, 691426. https://pmc.ncbi.nlm.nih.gov/articles/PMC8307909/
Newberg, A. B. (2010). Principles of neurotheology. Ashgate.
Underwood, L. G., & van Dyke, C. J. (2024). Religiosity/spirituality and mental health: The moderating role of sensory processing sensitivity. Humanities and Social Sciences Communications. https://www.nature.com/articles/s41599-024-04176-x

